Pneumatisch:
De pneumatische schokdemper is een nieuw type schokdemper dat sinds de jaren 60 is ontwikkeld. Het gebruiksmodel kenmerkt zich door een zwevende zuiger die in het onderste deel van de cilinder is gemonteerd. Een gesloten gaskamer, gevormd door de zwevende zuiger en één uiteinde van de cilinder, is gevuld met stikstof onder hoge druk. Op de zwevende zuiger is een O-ring met een grote doorsnede aangebracht, die olie en gas volledig scheidt. De werkende zuiger is voorzien van een compressieklep en een expansieklep, die de dwarsdoorsnede van het kanaal aanpassen aan de bewegingssnelheid. Wanneer een wiel op en neer beweegt, beweegt de werkende zuiger van de schokdemper heen en weer in de olie. Dit resulteert in een drukverschil tussen de bovenste en onderste kamer van de werkende zuiger, waardoor de olie onder druk de compressieklep en de expansieklep opent en heen en weer stroomt. Doordat de kleppen een grote dempende kracht uitoefenen op de olie onder druk, worden de trillingen gedempt.
Hydraulisch:
Hydraulische schokdempers worden veel gebruikt in auto-ophangingssystemen. Het principe is dat wanneer het frame en de as heen en weer bewegen, en de zuiger in de cilinder van de schokdemper heen en weer beweegt, de olie in de schokdemperbehuizing herhaaldelijk van de ene naar de andere binnenholte stroomt via enkele smalle poriën. De wrijving tussen de vloeistof en de binnenwand, en de interne wrijving van de vloeistofmoleculen, zorgen hierbij voor een dempende kracht die de trillingen vermindert.
Een schokdemper voor auto's doet precies wat de naam al zegt. Het principe is eenvoudig: het zorgt voor schokdemping. Autovering is over het algemeen uitgerust met schokdempers, waarbij bidirectionele cilindrische schokdempers veelvuldig worden gebruikt. Zonder schokdempers kan de terugslag van de veren niet worden gecontroleerd. Op oneffen wegen zal de auto flink stuiteren. Ook in bochten kan dit leiden tot verlies van grip en stabiliteit door de op- en neerwaartse trillingen van de veren.